| |
Nice pussy
Mijn kat is te dik.
Gelukkig, maar te dik. Voor geluk zijn we echter niet op de wereld, dacht
ik onlangs, gezondheid is ook wat. En die bevorder je niet door op een
gemiddelde dag niet méér te bewegen dan van de bank in de
schaduw naar de stoel in de zon, en andersom. Afgewisseld met een uitstapje
naar de etensbak, om te kijken of daar al iets nieuws in is getoverd.
Nu is dat meestal niet zo. Ik voer, anders dan mijn voorouders, mijn kat
niet buitensporig veel. Sterker nog, Muis (zo werd ze gedoopt door mijn
vriend Jack, die haar twee jaar terug van de straat raapte en aan mij
gaf) eet minder dan ze volgens de boekjes moet. Desondanks nam ze, kort
na haar sterilisatie, het formaat van een flinke voetbal aan. Tja, niet
meer iedere twee maanden een week lang aan mijn bureau staan schreeuwen
en krijsen scheelt flink wat energie.
De man in de dierenwinkel opperde dieetvoedsel. Dat is een soort lucht
met water erdoor, waar je ouder wordende katten goed mee schijnt te kunnen
foppen. Zoniet Muis. Aan haar lijf geen moderne fratsen en seniel, dat
is ze nog lang niet. Ze liet het voer voor wat het was en ging weer als
vanouds naast mijn computer staan steunen.
'Spelen, je moet meer met haar spelen!' riepen mijn vrienden. En daar
ging ik. Rode balletjes, gele balletjes, transparante stuiterballetjes,
achtereenvolgens een blauwe, een rode en een groene muis, sommige met
belletjes en andere met veertjes. Balletjes waar een kattensnoepje in
kan. Kurken. Rolletjes plakband. Touwtjes. Alles werkte ongeveer drie
seconden. Muis sloeg er een keer naar, haakte er een nagel in en wierp
het speelgoed dan voorgoed weg met een gezicht dat vroeg om een Playstation.
Dan maar grof geschut. Zelf wil ik immers ook geen koekje minder eten.
In plaats daarvan ga ik maar zwemmen. Dat leek me niks voor Muis, dus
kocht ik een zogeheten tuigje. Dat bleek een okerkleurig martelwerktuig
dat 'heel eenvoudig' om te gespen was, aldus de dierenwinkelmeneer. 'Hoewel
ze het natuurlijk nooit leuk vinden, opgesloten zijn,' zei hij erachteraan.
En inderdaad. De vlokken haar vlogen door het huis. In de vierde kamer
die we inrenden (dat ging goed, qua calorieën) dreef ik haar in een
hoek en gespte het ding om. Muis slaakte een gil.
We togen naar buiten. Ik droeg haar vijf trappen af en toen kon de Eerste
Wandeling beginnen. Muis, die de laatste twee jaar niets anders heeft
geprobeerd dan uit de voordeur glippen, vloog onmiddellijk de trap op
naar haar veilige huis. Ik trok haar de hoek om richting een grasveldje.
Muis dook tegen een muur en verplaatste zich schrijlings, als in oorlogstijd.
Ik zei dat alles fantastisch ging, dat ze een held was. Muis dook onder
een auto. Ik trok haar eronder vandaan. Een oorverdovend geloei klonk.
Een buurman keek uit het raam, wie er een zielige kat aan het mishandelen
was. 'Woehoehoehoehoe' ging Muis imponerend door. Twee minuten later en
inmiddels duizend stresscalorieën lichter droeg ik haar met een knalrood
hoofd weer naar boven. Een andere buurman passeerde ons en fluisterde
'nice pussy'. 'Die rotkat?', mompelde ik nog chagrijnig, terwijl ik Muis'
klauwen zover mogelijk van me af probeerde te houden. 'No no, you! YOU
nice pussy!' schaterde de man. Muis bleek mijn jurk half te hebben uitgetrokken.
Mijn boezem zat vol zwarte haren en striemen. Ik weet niet of we morgen
weer gaan.
|