| |
Privé
Voor een artikel moest ik me in weblogs verdiepen. Voor wie het niet door
had: het digitale dagboek is hot op internet. Alleen al in Nederland zijn
er honderdduizenden,. De grote klapper moet volgens de providers nog gaan
komen. Want terwijl weblogs vroeger exclusief over interessante links
gingen, zijn het tegenwoordig meer lifelogs. Mensen vertellen alles over
hun werk, hun visie op de politiek, hun lievelingsrecepten en hun verzameling
zoutvaatjes van over de hele wereld. Razend interessant om dat allemaal
te weten te komen van Suzanne uit Badhoevedorp en Luc uit Sas van Gent.
Echter dan soap, en 24 uur per dag beschikbaar.
Nou heb ik een eigen website, omdat me wel eens is verteld dat ik daar
jaarlijks zomaar drie dichtbundels extra mee kan verkopen. Maar een weblog...
mijn beste vriendin mag mijn dagboek al niet lezen, laat staan half internet.
Toch: je moet een beetje doen alsof je professioneel bent, als je als
journalist in zo’n onderwerp duikt. Dus opende ik een weblog.
Mijn fysieke dagboek is eerder een weekboek. In hectische tijden vat ik
wel eens een hele maand samen met van diep psychologisch zelfinzicht getuigende
analyses als: ‘druk gehad’ of ‘eindelijk mooi weer’.
In sombere periodes wil ik nog wel eens loos gaan, maar dan schaam ik
me na een paar weken schrijven zó over mijn hysterische gewauwel,
dat ik de boel in hele kleine stukjes naar het oud papier breng.
Met een weblog kan dat dus niet. Je opent zo’n ding, verzoent je
na veel geklik en gemuis met de minst lelijke kleurtjes en vervolgens
word je geacht het bij te houden. Dagelijks. Actueel. Boeiend. Humoristisch.
En: open voor reacties. Want een belangrijk doel van veel webloggers is
aandacht en gezellige discussie.
De eerste logjes gingen alvast de mist in. Om het freudiaans te illustreren:
mijn tekstverwerker kent het woord ‘weblog’ niet en maakt
er ‘weerloos’ van. En inderdaad, bijna elk onderwerp viel
af wegens te persoonlijk. Wat gaat het de mensen aan dat ik buikloop heb?
Of waarover ik ruzie maak met mijn vriendje? En voor wie (oké,
zijn ex, maar die hoef ík dan weer niet op mijn weblog) zou het
in vredesnaam interessant kunnen zijn?
Maar eens vragen aan een deskundige. Ik mailde een meisje dat met naam,
toenaam én woonplaats schreef over haar zelfmoordpogingen en eetziekte.
Waarom deed ze dat? Wie las het? Was het een verrijking van haar leven?
We zullen het nooit weten. Ik kreeg een pinnig bericht terug dat ze niet
mee wilde werken. Ik had Niets op haar website te zoeken. Die was Privé.
Ik forceerde me nog een paar dagen met stukjes over actualiteiten, concerten
die ik had gezien en meninkjes die ik misschien wel had. Drie logs later
betrapte ik me op dezelfde slappe hap die ik, verveeld researchend, op
tientallen andere webpagina’s had gezien. Bezoekers trok de digitale
versie van mijn oninteressante ego ook al niet – niet voor niets
maakt Word van ‘lifelog’ ‘liefdeloos’.
Gelukkig hoef je een weblog, als je er geen zin meer in hebt, niet in
de haard te gooien of in duizend snippers te scheuren. Deleten volstaat.
Dat is dan ook precies wat ik heb gedaan.
|